|
Kenmerken
De
Engelse Cocker Spaniel
De
Engelse Cocker Spaniel is een fijne hond voor in de stad en op het
platteland. Het vrolijke karakter van de Cocker is een van zijn beste
eigenschappen. Het is een intelligent maar zacht geaard ras en men moet hem met
geduld en begrip behandelen. Als gezelschap is een geen tweede, terwijl zijn
grootte hem geschikt maakt voor elke omgeving. De Cocker is enorm aanhankelijk
en feitelijk is hij de beste vriend die men zich kan wensen.
De
jachthond.
De Engelse Cocker Spaniel is een
jachthond en heeft zijn natuurlijke instinct voor het jagen en apporteren
nooit verloren. Tegenwoordig zijn de mogelijkheden om in het veld te kunnen
werken zeer beperkt. Nog steeds zijn er mogelijkheden om de Cocker te trainen
voor het veldwerk. Dit kan via de rasvereniging of via de KNJV. Het is prachtig
deze kleine jachthond in het veld aan het werk te zien.
Gehoorzaamheid, behendigheid en flyball.
De Engelse Cocker Spaniel wil graag
werken en is dan ook zeer geschikt voor gehoorzaamheid, behendigheid en flyball.
Overal door het land worden deze cursussen voor honden gegeven. Het is
aanbevolen om met je Cocker deze takken van hondensport te gaan doen.
Op
de tentoonstelling.
Cocker Spaniels hebben, in de meeste
landen, een behoorlijk aantal inschrijvingen op hondententoonstellingen. Als er
zoveel honden op een tentoonstelling zijn valt het niet mee om te winnen
in een dergelijk zware competitie. Voor degenen onder u die van de spanning van
dit soort competities houdt, is de Engelse Cocker Spaniel het geschikte ras.
Huishond
en gezelschap.
De meeste Engels Cockers Spaniel
brengen hun leven als huishond door. Door hun middelmatige grootte zijn
ze, door de meeste mensen, gemakkelijk onder controle te houden. De Cocker heeft
prima karakter en zou het liefst de gehele dag bij u zijn. Het is geen hond om
langere tijd en vaak alleen te laten. Indien u de hele dag moet werken raad ik u
geen Cocker aan. Persoonlijk vindt ik de eenkleurige wat feller van karakter en
eerlijk gezegd niet zo geschikt bij mensen die nog geen ervaring met honden
hebben en niet en consequent genoeg zijn. De meerkleurige zijn zijn rustiger en
minder dominant en dus makkelijker in de opvoeding.
Verzorging.
De Cocker heeft een prachtig,
aantrekkelijk hoofd met lange bevederde oren en de meeste mensen kunnen zijn
aantrekkingskracht niet weerstaan. Maar met zoveel bevedering, als hij
volwassen is, moet de hond regelmatig geborsteld en gekamt worden. Tevens dient
hij regelmatig getrimd te worden. Ze worden dan geplukt. Let op dat ze niet
worden geschoren want de vacht wordt er dof en krullig van. Alleen een ervaren
trimmer weet hoe de Cocker getrimt hoort te worden.
Kenmerken
en eigenschappen.
Schofthoogte: Reu 40 - 41
cm. Teef 38 - 39 cm.
Gewicht: Reu 14 - 15 kg. Teef 12 - 13 kg.
Leeftijd: 13 - 14 jaar.
Beweeglijk, levendig,
intelligent, waaks, mild en opgewekt en een beetje eigenwijs.
De Engelse Cocker
Spaniel maakt de indruk van een ijverige en krachtig jachthondje. Zijn lichaam
is uitgebalanceerd en compact. De afstand van de schoft tot de grond moet gelijk
zijn aan de afstand van de schoft tot aan de staartaanzet. De schedel is goed
ontwikkeld, duidelijk gebeiteld, noch te fijn noch te grof. De vacht van de
Engelse Cocker Spaniel is glad en aanliggend, zijdeachtig en niet gegolfd; de
bevedering is niet zo overvloedig. Kleur :
eenkleurig zwart of rood; zwart met roodbruine aftekening of zwart-wit,
oranjewit, zwart-wit met bruin (tricolor) alsmede oranjebruin- en
zwartschimmels.
Hoofd:
goed ontwikkelde, besneden voorsnuit,
duidelijke stop, schedel is fijn belijnd, wangen zijn vlak en droog.
Ogen:
hazelnootbruin,
in harmonie met kleur en vacht.
Oren:
laag aangezet en
lang, niet verder reiken dan neuspunt, bekleed met lang haar, zijdeachtig
maar niet in plukken.
Staart:
laag aangezet, niet hoger dan ruglijn gedragen,
hoe lager hij wordt gedragen, hoe beter. Wanneer hond aan het werk is, met
de staart onafgebroken in beweging zijn.
Vacht: recht,
zijdeachtig, lang behang op oren, borst en franje aan de achterkant van de
extremiteiten.
Speels.
Kleur vele variaties:
eenkleurig
zwart
leverbruin
rood of goud of
ook wit als grondkleur met aftekening in grote of kleine mate in ieder van
de bovengenoemde kleuren
in witte
grondkleur ontstaan dikwijls haren van de kleur der aftekening, hetgeen men
schimmel noemt: Engelsen "roan"
bij de
wit-en-zwarte geeft dat de indruk van blauw:
blue roan
lemon roan
orange roan
liver roan
tricolor roan
bij de
eenkleurige is een witte vlek op borst toegestaan
Schouderhoogte:
ca. 40 cm.
|